Als de hypotheekrenteaftrek wordt vervangen door een systeem waarin de hypotheekschuld aftrekbaar is en de belastingen worden verlaagd, leidt dat tot meer welvaart en een stijging van de werkgelegenheid.
Dat schrijft het Centraal Planbureau (CPB) in een onderzoek naar de economische effecten van de fiscale behandeling van het eigen woningbezit. Volgens het CPB moet een herziening van de hypotheekrenteaftrek deel uitmaken van een bredere hervorming van het woningbeleid.
In het huidige systeem van renteaftrek verstrekt de overheid een belastingsubsidie van 14 miljard euro per jaar aan woningbezitters met een hypotheekschuld. In het model dat het CPB voorstelt, wordt dit bedrag gehalveerd. De andere helft kan de overheid inzetten om de belasting op arbeid te verlagen en de overdrachtsbelasting die betaald moet worden bij verkoop van een huis, af te schaffen. Hierdoor kunnen de tarieven van de inkomstenbelasting met 2,75 procentpunt verlaagd worden. Het CPB becijfert de welvaartsstijging dan op 900 miljoen à 1,5 miljard euro per jaar, ongeveer 0,2 procent van het bruto binnenlands product (bbp), wat leidt tot een groei van de werkgelegenheid met 30.000 banen.
Het is economisch gezien efficiënter om het beschikbare geld in te zetten „voor de verlaging van de lasten op arbeid dan op het woningbezit van huishoudens”, aldus het CPB. Herziening van de fiscale behandeling van de eigen woning zal leiden tot daling van de huizenprijzen en de mobiliteit op de woningmarkt bevorderen. De inkomenseffecten zijn gemengd en hangen samen met leeftijd en inkomenshoogte.
In het voorstel van het CPB wordt de hypotheekschuld tot het vermogen gerekend dat in de inkomstenbelasting valt in ‘box 3’. De schuld is dan aftrekbaar tegen het tarief voor vermogen, 1,2 procent. De belastingsubsidie halveert dan tot 7 miljard euro.
Bron: NRC |